Van ambulance tot isolatie-unit: elke stap telt

Wat gebeurt er als een patiënt met een verdenking op een zeer besmettelijke infectieziekte, zoals ebola, veilig vervoerd en opgevangen moet worden? Het Incident Response Team (IRT) van RAV Brabant Midden-West-Noord oefende dit onlangs samen met de High Level Isolation Unit (HLIU) van het Radboud UMC. Marion Wieland (HLIU) en Kees van den Berge (RAV) vertellen over de opbrengst van de oefening.
Van ambulance tot isolatie-unit: elke stap telt

Marion: “Vervoer van een patiënt met (een verdenking op) een besmettelijke infectieziekte komt gelukkig weinig voor. Maar áls het gebeurt, moeten we snel en zorgvuldig kunnen handelen. Dan is het belangrijk dat alle betrokken ketenpartners precies weten wat ze moeten doen én wat ze van elkaar kunnen verwachten.”

 

Van melding tot opvang

Tijdens de trainingsdag werd de hele inzet geoefend: vanaf de alarmering en het vervoer van de patiënt tot de veilige overdracht en opvang in de HLIU. Daarbij stond de samenwerking tussen ambulancezorg en ziekenhuis centraal. Kees: “We oefenen de hele keten. Niet alleen het vervoer, maar juist ook de afstemming met het ontvangende ziekenhuis. De overdracht moet naadloos aansluiten op de opvang in de isolatie-unit.”

Het IRT traint iedere zes weken en is inzetbaar in Zuid-Nederland: de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Samen met drie andere teams in Nederland levert het specialistische prehospitale zorg bij virale hemorragische koorts en biedt ondersteuning bij grootschalige chemische, biologische, radiologische en nucleaire incidenten.

 

Een gescheurd pak

Ook het veilig uittrekken van beschermende kleding en het opruimen van gebruikte materialen horen bij de training. Tijdens deze oefening ontstond onverwacht een bijzonder leermoment: één van de beschermende pakken scheurde. Kees: “Dan zie je meteen waarom we dit zo vaak trainen. Het back-upteam kwam direct in actie en hielp de medewerker binnen vier minuten veilig uit het pak. Precies zoals we dat met elkaar hebben afgesproken.”

Voor het Radboudumc is juist die gezamenlijke voorbereiding belangrijk. Procedures kunnen op papier goed zijn vastgelegd, maar in een oefening blijkt pas hoe ze in de praktijk op elkaar aansluiten. Marion: “Door samen te oefenen worden rollen en verantwoordelijkheden duidelijk. Je ontdekt waar procedures goed op elkaar aansluiten, maar ook waar nog verbeteringen mogelijk zijn. Die ervaring neem je mee naar een volgende oefening én naar een echte situatie.”

 

Samen voorbereid

De oefening liet zien hoe belangrijk goede communicatie, duidelijke afspraken en regelmatig samen trainen zijn. “Uiteindelijk draait het om samenwerking” zegt Marion. “Door elkaar te kennen en samen te oefenen, kunnen we een patiënt in een uitzonderlijke situatie veilig en goed opvangen.” Kees vult aan: “En doordat de specialistische teams in Nederland op dezelfde manier werken, kunnen we elkaar ondersteunen als dat nodig is. Dat maakt de hele keten sterker.”